Innovatie is voor AVEBE van het grootste belang. Zowel de onderneming als onze stakeholders willen ervoor zorgen dat we de concurrentie met andere zetmeelproducenten aankunnen. Bovendien is onze positie op de internationale markten afhankelijk van het concurrentievoordeel van onze gewassen en zetmeelproducten.
De toepassing van biotechnologie biedt nieuwe mogelijkheden voor de ontwikkeling van gewassen met een betere samenstelling of een beter zetmeelgehalte. Dit leidt tot de vorming van duurzamere producten met een hogere toegevoegde waarde dan de zetmeelproducten van concurrenten en tot een productieve landbouw van hoge kwaliteit. Wij richten ons bij onderzoek en ontwikkeling (research and development, R&D) op het mogelijk maken van de noodzakelijke innovatie, vooral op het gebied van de samenstelling en de inhoud van zetmeelgewassen. Hiervoor volgt de afdeling R&D twee verschillende lijnen:
- klassieke verbetering van aardappelgewassen;
- biotechnologische verbetering van aardappelgewassen.
Het potentieel van de biotechnologie blijkt zeer divers te zijn: verbeterde productkwaliteit, betere commerciële toepassingen en een aanzienlijke beperking van de milieu-effecten dankzij een afname in het gebruik van chemische reagentia en van energie. Duurzaamheid is een belangrijke drijvende kracht achter ons gebruik van biotechnologie. Deze technologie biedt ons de mogelijkheid om synthetische stoffen te vervangen door recyclebare producten, om zo de koolstofkringloop te sluiten en daarmee het broeikaseffect en de wereldwijde opwarming te verminderen en het gebruik van chemicaliën in de landbouw te beperken. Door het gebruik van biotechnologie moet onze afdeling R&D proeven uitvoeren met GG-gewassen. Wij verzekeren dat al onze veldproeven en toekomstige toepassingen van GG-gewassen veilig zijn voor mens, dier en milieu. Wij stellen ons bij onze activiteiten verantwoordelijk en zorgvuldig op. Producten en processen moeten voldoen aan de lokaal geldende wet- en regelgeving.
Wij hebben voor ons GGO-beleid een reeks criteria opgesteld.
- AVEBE maakt alleen gebruik van wetenschappelijk erkende methoden, die wettelijk zijn toegestaan en die veilig zijn voor de volksgezondheid en het milieu.
- AVEBE maakt geen gebruik van dierlijke of menselijke genen voor het verbeteren van GGO-gewassen. De onderneming zal daarom geen R&D-projecten opzetten waarbij deze genen een rol spelen.
- Het gebruik van herbicide merkers is bij de ontwikkeling van nieuwe GM-gewassen geen doel op zich. De merkers zijn alleen een instrument voor de R&D-afdeling van AVEBE om GGO-planten te kunnen onderscheiden van andere planten. AVEBE gebruikt deze merkers niet voor commerciële GGO-aardappelen. De onderneming heeft patent op een merkervrije GGO-techniek.
De introductie van GGO’s moet voldoen aan zowel de lokale wet- en regelgeving als onze criteria. In Nederland hebben we er bijvoorbeeld voor gekozen om alleen non-food- en non-feed-toepassingen te ontwikkelen. Wereldwijd gezien blijft AVEBE zich krachtig inzetten voor de productie van volledig gecertificeerde en niet genetisch gemodificeerde zetmeelproducten voor voedseltoepassingen. Het onderzoek van AVEBE richt zich in het algemeen op de verbetering van producten op zetmeelbasis. Bij projecten richten we ons in een vroeg stadium op verschillende technieken, gewassen en markten. Pas als een onderzoeksproject succesvol is afgerond, nemen we een beslissing over de producten en markten waarin we het zetmeel gaan gebruiken. Deze beslissingen worden genomen na een grondige analyse van de zakelijke mogelijkheden. De maatschappelijke acceptatie van deze producten is voor dergelijke beslissingen van doorslaggevend belang.
AVEBE neemt de publieke opinie op het gebied van biotechnologie serieus en beschouwt open communicatie als een essentieel onderdeel van de toepassing van biotechnologie. Tegen die achtergrond zal AVEBE de dialoog aangaan met stakeholders.